Minder kleur, meer inzicht
Grijs als standaard en één accentkleur voor wat afwijkt. Waarom verkeerslichten op elk cijfer niets zeggen, en hoe je kleur een vaste betekenis geeft.

Het eerste wat veel mensen doen met een nieuw dashboard, is het kleuren. Elke productgroep een eigen kleur, elk kanaal een eigen tint, groen voor goed, rood voor slecht, en de huiskleuren van het bedrijf erbij. Het resultaat ziet er levendig uit.
Het zegt alleen minder dan de grijze versie.
Als alles opvalt, valt niets op
Kleur trekt de aandacht. Dat is haar sterkte, en precies daarom moet je er zuinig mee zijn. Een pagina met tien kleuren heeft tien dingen die om aandacht vragen. Het oog springt heen en weer, en blijft nergens hangen.
Zet alles in grijs, en geef één ding een kleur. Nu weet de lezer meteen waar hij moet kijken. De kleur werkt als een markeerstift: ze zegt "dit".
Dat voelt eerst saai. Na een week wil niemand terug.
Het verkeerslicht op elk cijfer
Een veel gemaakte keuze is een rood, oranje of groen bolletje naast elk cijfer. Het idee is goed: in een oogopslag zien wat in orde is en wat niet.
In de praktijk werkt het zelden. Om drie redenen.
Er is bijna altijd iets rood. Met twintig cijfers en een drempel van een paar procent, is er elke week wel iets dat afwijkt. Na een maand kijkt niemand nog naar het rood, want het is er altijd.
Groen is ruis. Negen groene bolletjes zeggen niets wat je niet al wist. Ze nemen wel ruimte en aandacht.
De drempel is willekeurig. Waarom is min vier procent oranje en min zes procent rood? Meestal omdat iemand dat ooit zo ingesteld heeft. Een kleur die op een willekeurige grens omslaat, suggereert een precisie die er niet is.
Beter: laat alles wat binnen normaal valt grijs, en kleur alleen wat echt afwijkt. En leg vast wat "echt" is, samen met de beslisser. Dat is een van de vragen in de vraag die je stelt voor je een dashboard bouwt: wat is normaal?
Geef kleur een vaste betekenis
Als je kleur gebruikt, geef ze dan een betekenis, en hou die overal aan.
Is dit jaar blauw en vorig jaar grijs op de eerste pagina, dan moet dat op elke pagina zo zijn. Is een winkel oranje in de ene grafiek, dan mag die in de volgende grafiek niet paars zijn. Wie de kleuren een keer geleerd heeft, hoeft ze niet opnieuw te leren.
Dat geldt ook voor rood en groen. Als rood "slecht" betekent, gebruik het dan nergens anders voor. Een rode lijn die toevallig een productgroep is, wordt gelezen als een probleem.
De huiskleuren zijn geen datakleuren
Het is verleidelijk om de kleuren van het logo te gebruiken. Ze zijn er, ze zijn goedgekeurd, en het rapport ziet er dan uit als het bedrijf.
Maar huiskleuren zijn gekozen om op te vallen op een gevel of een visitekaartje. Ze zijn zelden gemaakt om naast elkaar in een grafiek te staan, en vaak zijn ze te fel of te gelijkend. Gebruik ze voor de titel, de kop en een accent. Kies voor de data een rustig palet dat op elkaar afgestemd is.
Kleur mag nooit alleen dragen
Niet iedereen ziet kleur hetzelfde. Een deel van de mensen onderscheidt rood en groen slecht. Op een gsm in de zon verdwijnen subtiele verschillen. En een afdruk in zwart-wit maakt van al je kleuren grijs.
Zorg daarom dat de betekenis ook zonder kleur te zien is. Een pijl omhoog of omlaag naast een afwijking. Een label met de naam aan het einde van een lijn, in plaats van een legende die je moet ontcijferen. Een plus- of minteken. Het kost niets en het werkt voor iedereen.
Een eenvoudig palet
Voor de meeste rapporten volstaat dit:
- Eén grijstint voor alles wat context is: vorig jaar, andere winkels, het gemiddelde.
- Eén accentkleur voor wat de lezer moet zien: dit jaar, deze winkel, de afwijking.
- Eén kleur voor slecht en één voor goed, alleen gebruikt waar het echt iets betekent.
- Voor categorieën die je echt moet onderscheiden: hooguit vijf of zes rustige kleuren, altijd in dezelfde volgorde.
Meer heb je bijna nooit nodig. Heb je er toch meer nodig, dan is de grafiek waarschijnlijk te vol. Dan helpt het vaker om de kleinste categorieën samen te nemen als "overige".
Wat je kan automatiseren
Een palet leg je één keer vast in een thema-bestand. In Power BI laad je dat in, en elke nieuwe grafiek krijgt vanzelf de juiste kleuren. Zo hoeft niemand kleuren met de hand te kiezen, en blijven ze overal hetzelfde. Kleuren op basis van een regel, zoals rood onder een drempel, zet je in een measure in plaats van per grafiek, zodat de drempel op één plek staat en overal meeverandert.
De stelling
Kleur is een markeerstift, geen verf. Zet alles in grijs, geef alleen wat de lezer moet zien een kleur, geef elke kleur een vaste betekenis, en laat nooit kleur alleen de boodschap dragen.